Dé broek
Er zijn zo van die dingen waar een Annibal heel blij van wordt. Eén van die dingen is winkelen. Geef me een missie en ik ga los: eenmaal in de stad verzin ik er zo nog een missie of 10 bij en vaak slaag ik ook nog voor diverse dingen waarvan ik nog niet wist dat ik ze nodig had. En sóms slaag ik daarbij zelfs nog voor iets waarvoor ik de zoektocht al heel lang gestaakt had. Geweldig toch? Er is echter één missie die me per direct in angstzweet doet soppen: de missie nieuwe broek. Want hóe goed een Annibal ook is in winkelen, slagen voor een broek die aan ál mijn eisen voldoet is meestal a bridge too far. Ik ben namelijk niet maatje Twiggy, ik ben mínstens maatje Marilyn. En dat mag niet van meneer H&M en consorten. Een passende spijkerbroek willen is zoeken naar een speld in een hooiberg. En dan maak ik het zelfs nog een tandje of twee érger: ik wil namelijk ook nog eens een model dat mij bevalt! Jaha, ik weet het wel, dat is natuurlijk echt te zot voor woorden, maarja.. Ik wil niet in skinny jeans lopen omdat de mode zegt dat dat moet. De mode dicteert en vervolgens is er niets anders meer te koop, maar helaas gaat men dan voorbij aan de volksstammen die die mode gewoonweg niet stáát. De mode zou mij vierkant uitlachen wanneer ik in skinny jeans rond zou gaan lopen. Zeker weten. Ikzelf trouwens óók.
Maargoed, mijn eisen dus. Ik wil wijde pijpen. Dat vind ik leuk, en dat past goed bij mijn figuur. Maar dan ben ik er nóg niet: ik wil ook een wat hogere taille, graag. Ik werk op kantoor en wordt het gesjor aan zo'n heupbroek echt binnen anderhalf keer opstaan en weer zitten zat. Een heupbroek is heel charmant voor op sta-feestjes, maar in het dagelijks leven vind ik ze hoogst onhandig. En dan, tot slot: ik weiger € 200,= af te rekenen voor één broek. Annibals worden héél erg blij van koopjes en kunnen intens genieten wanneer ze vinden wat ze zoeken zónder er de hoofdprijs voor te betalen.
Onmogelijk, dus. Na al jaren met enige regelmaat te hebben gevochten met deze missie kwam het moment weer, zo'n maand of vijf geleden. Mezelf een paar weken lang elke ochtend afvragen waar al mijn broeken zijn gebleven. Dan het licht zien en eens inventariseren. Dan, de ontluisterende conclusie: crap, ik moet nieuwe broeken hebben. Drie, vier weken ontkenningsfase. Dan, berusting. Begin van een zoektocht. Een zoektocht die me het bloed onder de nagels vandaan haalt. De keren dat ik de complete serie broekenwinkels in centrum Den Haag af ben gelopen gestaag stijgend. Webwinkels langs. Maar ookal is in werkelijk élk wijvenblad te lezen dat de nieuwe broekenmode wijde pijpen en hoge taille is, de winkels hebben daar zo hun eigen gedachten over.
En dan, vandáág, EINDELIJK, victorie! Bij maar weer eens een rondje Wehkamp (goede graadmeter voor wat er in de winkels hangt) zie ik 'm op een plaatje staan: mijn nieuwe broek!! Wat hogere taille, wijde pijpen en maar € 30,=! Maar helaas, de euforie is van korte duur, want alle 'grotere' maten (dat betekent eigenlijk alles boven maat 36) is uitverkocht. Maar dan zie ik het: er staat een merkje van de C&A bij. Na de fysio te hebben bezocht stap ik dan ook in de auto en zoef naar de dichtstbijzijnde C&A-winkel (hetgeen trouwens verassend lastig is met gekruisde vingers). Aldaar aangekomen zie ik er een rek vol van hangen. Hoera in de gloria! Even snel passen, nog steeds joepie-de-poepie.. Maar dan slaat mijn blijdschap dood. Ik kom tot de ontluisterende conclusie dat ik maat 44 niet eens ín kom en maat 46 (zo'n vier cm. verschil! Zit er echt víer centimeters tussen één maat??) me te groot is. Bovendien valt de wijdte van de pijpen me nogal tegen. En in de spiegel kijkend kom ik on top of things óók nog eens tot de conclusie dat ik er dik uitzie, in deze broek. Maar wellicht is dat een mind-trick vanwege die 4 en die 6 op het kaartje. Twijfelend loop ik dus door de winkel, met een maat 46 spijkerbroek over mijn arm. Want ookal valt 'ie tegen, hij past wél over mijn kont heen. En hij hééft wijde pijpen, een soort van.
Dan, in een raar verstopt rek achterin, vind ik ze: DE spijkerbroeken. échte wijde pijpen! Een (relatief) hoge taille! Er hangt één maat 42, die er vergeleken met de maat 46 over mijn arm verdómde groot uitziet. Ik ren naar de paskameren trek 'm aan. En ondanks alle hitte (verzamelt die zich werkelijk in élke winkel precies in die kleine rotkamertjes??) krijg ik 'm aan, krijg ik 'm dicht, en zit 'ie lekker ![]()
Even later loop ik, zwaaiend met mijn C&A-tasje, de winkel weer uit. Naast DE broek heb ik er ook nog een leuk shirtje op de kop getikt. Totaal was ik € 39,90 kwijt en I'm king of the world. Als ik de broek aan Paul show (gelukkig hoef ik niet zo blanco te kijken als de modellen die modeshows lopen) bevestigt hij wat ik ook al dacht: deze broek haalt het beste van mijn figuur naar voren. Die andere broek zat gewoon écht niet, dat was geen mind-trick. En de pijpen zijn zo wijd dat ik mijn hele schoenen erin kan verbergen.
Annibal is blij!
(En is het niet ongelooflijk dat ik mzelf bíjna aan had gepraat dat ik die andere broek dan toch maar moest kopen, omdat ik er oprecht in geloofde dat iets beters niet te krijgen zou zijn?)
Kampeergear
Eens in het jaar moeten we aan de slag: de kampeerspullen moeten door de Annibal- en Paul-check. We kamperen weliswaar vaker in één jaar, maar die controle, die hoeft natuurlijk alleen de eerste reis. Omdat die eerste kampeertrip in dit geval Lowlands is zijn we de afgelopen dagen bezig geweest met het tevoorschijn trekken van allerhande handigheden, het maken van lijstjes en het bedenken van wat er mist. En dat is best lastig, als er niet echt iets mist. Want het voornaamste item dat we dit jaar nodig hebben is helemaal geen item, maar meer een ongrijpbaar iets dat je moet zien te bereiken. Ik wil namelijk heel graag elke nacht slápen. Dat lukt mij namelijk heel slecht, daro in de polder. De herrie (die op onze camping trouwens best meevalt) de bouwlampen en de over-scheerlijnen-struikelende zuipschuiten, die kan ik allemaal wel hebben. Maar de kou die optrekt uit de poldergrond, jemig zeg! Afgelopen jaar was het nog een tandje of twee kouder 's-nachts als in het gemiddelde Lowlands-weekend, waardoor ik met onze twee slaapzakken, een broek, een t-shirt, een vest, twee paar sokken (nood breekt wet hè?), twee fleece-dekentjes, een deken over de slaapzakken heen én een Paul nog steeds klappertandend mijn nachten heb doorgebracht. Geen grapje, als je pas rond vijven/zessen je bed inkruipt en je gegarandeerd alweer om tien uur je bed uitgefikt wordt door de zon.
Ja, dus dat was onze missie: warmere nachten voor onze lieve Annibal. Nieuwe slaapzakken, dachten we dus eerst. Maar dat geeft een probleem, want Paul is altijd een soort allesbrander als hij slaapt: daar kun je zo een omelet op bakken. Met warmere slaapzakken zouden we dus wellicht geen koude An meer hebben, maar naar alle waarschijnlijkheid wel met een uitgedroogde Paul met eerstegraads brandwonden achterblijven. Na enige zoek-acties vonden we echter de oplossing: een lakenzak. Een soort van slaapzak voor ín je slaapzak. Degene die we nu besteld hebben geeft een extra warmte af van ongeveer 5,3 graden. Klinkt goed! Daarbij bestelden we ook nog een éénpersoons isolatiematje voor op het luchtbed en dan móet het wel lukken, vonden wij. Missie geslaagd, dus. En nu kijk ik dus héél erg uit naar de komst van de postbode. Die hoogstwaarschijnlijk ook nog een nieuwe Camelbak voor mij bij zich heeft (woops, na de vorige Lowlands vergeten de oude uit te spoelen terwijl er nog resten Passoa-jus in zaten was niet zo'n bijster strakke actie) én een tweetal el-cheapo reserve-batterijen voor onze telefoons, zodat we ook niet anderhalf uur in de rij hoeven om € 2,30 te moeten betalen voor het half opladen van onze telefoons bij het Lowlands Oplaadpunt.YAY!
Wat ons betreft kan het dus bíjna komen, allemaal. Nu alleen nog even de rest van onze waslijst afwerken.. ![]()
Met de tram
Vanochtend regende het dat het goot. Omdat ik het gedurende mijn ochtendritueel niet eens een béétje minder zag worden, was de conclusie duidelijk: dat wordt met de tram naar mijn werk. En als er nu één ding is waar ik een gruwelijke hekel aan heb dan is het wel met de tram naar mijn werk moeten, want ik moet dan met de Randstadrail. En die Randstadrail, die is op z'n haags gezegd klote. De hyper-moderne, ultrastrak vormgegeven tramstellen hebben namelijk een ontzettend nare 'ontwerp-fout': ze zijn onnoemlijk slecht te ventilleren. Als je dan dus nat van het buitenstaan, bij vochtig maar zeer warm weer, in een flink volle spitstram stapt wordt je humeur er niet beter op. Het is er dan zo vies vochtig, klam en heet daarbinnen dat het zweet je letterlijk van je gezicht en je lijf druipt. BAH.
Ik ben, sinds ik een nieuwe baan heb, 3 keer met de Randstadrail naar mijn werk gegaan en alledrie de keren wist ik het zeker: als ik met de fiets was gegaan was ik waarschíjnlijk minder nat geweest. Vandaag bracht ik dus maar een eerder bedacht truucje in de praktijk en pakte de auto naar een andere tramlijn die in de buurt van mijn werk stopt. Een lijn die nog met 'ouderwetse' tramstellen rijdt. En jemig, wat een opluchting zeg! Spontaan vond ik het niet zo erg meer om met de tram te moeten. De blazers stonden aan en het was er aangenaam koel. Bovendien is er meer beenruimte en zijn er meer zitplaatsen. Feest dus. En zelfs op de terugweg, toen mijn tram zo vol was dat ik er éigenlijk niet meer in paste, vond ik 'm nog stééds fijner dan die verrekte Randstadrail. Voortaan ga ik dus lekker met tram 2 naar mijn werk als het pijpestelen regent.
En de grootste grap? Op deze manier doe ik er ook nog eens een kwartier minder lang over! Vroeger was niet álles beter. Maar ditte toevallig lekker wel.
Met dit weer
Met dit weer wonen wij op ons balkon. Op het terras. Buiten. We drinken er wijntjes en biertjes, eten er wat, bevinden ons in goed gezelschap. Mijn nichtje Lisanne en haar vriend Mitchell bijvoorbeeld, of mijn schoonzus Suus. Vanavond zal het wel weer proppen worden, om met alle verjaardagsbezoekers van Alan op zijn piepkleine balkonnetje te passen. Maar gezellig, dat is het. Die stralende zon, die heb je niet nódig om het leuk te hebben. Maar de wereld wordt er altijd wél een beetje mooier vanVergeten?
Het is best een beetje raar, eigenlijk. Als kind leer je allerlei regels, en leer je ook dat je ze altijd toe moet passen. Je moeder doet er haar best voor, je vader wordt boos als je je er niet aan houdt, op school leer je waarom die regels er zijn. Van pannen op het vuur moet je afblijven, je mag binnen geen fikke stoken (en buiten eigenlijk ook niet), mensen slaan, schoppen of bijten is niet lief en je kijkt naar links, naar rechts en nog eens naar links voor je oversteekt.
Dan wordt je ouder en ga je je eigen weg. Misschien vind je het nodig om tegen die regels aan te schoppen, maar uiteindelijk bewijst het nut ervan zich vanzelf. En in veel gevallen leren mensen die regels dan tóch weer aan hun kinderen. Zíjn die moeder die haar best doet om kindjelief de weg in de wereld te leren, zíjn die vader die hen corrigeert waar nodig. Maar er is dus iets vreemds: buiten die periodes van zelf kind zijn en kinderen hebben ligt klaarblijkelijk een vage grens, en die grens doet mensen vervolgens zélf die regels aan de laars lappen. Zoals die dame, van middelbare leeftijd, die vanmiddag recht voor mijn fiets over begon te steken, zonder ook maar een moment naar iets anders te kijken dan naar de vriendin met wie ze aan het praten was. Voor remmen was het al te laat en ik kon niet anders dan uitwijken. Uitwijken en tegen een auto rijden. Waardoor ik viel. Met mijn heup op de stoeprand.
De mevrouw was heel aardig en bood duizend maal haar excuses aan. En natuurlijk, ik kan best begrijpen dat zoiets in een klein hoekje zit. "Kán gebeuren" zei ik haar dus, nadat een meneer die het gezien had me overeind had geholpen en de dame in kwestie met haar vriendin mijn fiets op schade had geïnspecteerd. En ik meende het ook, eerlijk waar. Maar ergens diep van binnen blijf ik me toch telkens weer verbazen over de hoeveelheid mensen die, per ongeluk of niet, zulke dingen uithaalt. Want op dit stukje weg kan ik élke dag dat ik vanuit mijn werk naar huis rij minstens 3 mensen overhoop rijden, als ik wil. Op het stuk erna minstens hetzelfde aantal. Tel hier op donderdagavond nog eens zo'n drie personen bij op, want dan is het koopavond en dus extra druk. Meestal kan ik aanvaringen voorkomen omdat ik erop bedacht ben. Maar écht, ik kan niet altijd alles ontwijken. Dus nu zit ik hier, met een boel blauwe plekken, een pijnlijke heup, last van mijn nek en spierpijn in mijn armen. Gelukkig was er niets ernstigs. Maar irritant is het af en toe wel ![]()
Barbie-kuu
Nog nooit maakte ik een Barbeque mee bij zúlk rotweer. Weliswaar waren er momenten van zon, maar de momenten waarop het zó hard regende dat je binnen 3 seconden al stralen water van je lijf af voelde stromen waren voltalliger. Een tweetal party-tents redde de dag en het weer maakte eigenlijk ook niet uit. Want het was leuk om heel mijn familie weer eens te zien en te spreken. Op zulke momenten besef ik altijd hoe jammer het is dat iedereen het zo druk heeft. Dat je elkaar zo weinig ziet, of spreekt. Maar tegelijk met deze spijt komt ook de wetenschap, dat het goed is, zo. Want iedereen móet ook z'n eigen leven hebben. Dat we allemaal moeite moeten doen om elkaar die paar keer per jaar te treffen, dat heeft één groot voordeel: het is extra leuk om elkaar dan weer te zien!
Lijstjes
Drie jaar lang was Paul uitzendkracht bij een grote kabelmaatschappij. Hij werkte er al zo lang dat ze er al bijna waren vergeten dat hij niet in vaste dienst was en met enige regelmaat vielen er dan ook collega's van hun stoel wanneer ze hier dan achter kwamen. Eind afgelopen jaar of begin dit jaar, dat weet ik niet zo goed meer, kwam er dan éindelijk goed nieuws: hij mocht in vaste dienst. Heel fijn, want na een bepaalde periode is het kiezen of delen: in dienst bij het bedrijf zelf of weg, zowel bij het bedrijf als bij het uitzendbureau. In maart zou het zo ver zijn en met smart wachtten wij op wat komen ging. Maar door een overname door een ander bedrijf moesten er nieuwe arbeidscontracten worden opgesteld en maart werd april, april werd 'juni of juli' en toen dit dichterbij kwam zag het ernaar uit dat het zelfs na de schoolvakanties zou worden. Dat het nog wel een tijdje ging duren was ons ondertussen wel duidelijk en we rekenden nergens meer op; groot was dan ook onze verbazing toen we zo ergens begin juni meekregen dat het toch écht 1 juli zou gaan worden. Feest!
Eén juli werd het dan ook en na enig geharrewar met fouten in zijn contract is het rond. In vaste dienst is hij nu, mijn lief. En dat is fijn. Dat is zekerheid. Dat is wat meer centjes, en betere voorwaarden. Maar dat is ook ineens een gat in je inkomsten. Als je al drie jaar aan een weekloon vastzit is omschakelen nog best even iets spannends. Want de rekeningen moeten gewoon betaald. En de boodschappen moeten gedaan. Dus zuinigjes, uiterst behoedzaam, hebben wij de afgelopen weken onze centjes beheerd. En nu is het bijna het einde van de maand en bijna het einde van de schaarste. Hoera!
Dat komt mooi uit, want in die paar zuinige, uiterst behoedzame weken hebben we een paar prachtige lijstjes in elkaar gedraaid. Van dingen die we moeten hebben, en wanneer. Zo moeten we nieuwe slaapzakken, voor komende Lowlands, net als een nieuwe Camelbak. Een paar nieuwe broeken voor ons beiden zou geen overbodige luxe zijn, en een paar nieuwe schoenen voor Paul zou hem ook niet misstaan. Ohja, en laten we vooral niet vergeten dat de auto 24 juli gekeurd moet worden. Dat eerste salaris, dat is dus al wel besproken, kun je stellen. Het tweede eigenlijk ook, want dan gaan er centjes apart voor de vakantie. Maar dan, ná de vakantie, komen de lijstjes tevoorschijn van dingen die we niet moeten, maar wíllen hebben. Zoals een prettig spaarsaldo. Zoals allebei maandelijks wat geld op onze eigen rekeningen. Én, jawel, na veel beraad, iets dat wij héél hoog op onze verlanglijstjes hebben staan: extra vrije tijd en minder pijnlijke ruggetjes voor ons allebei. Beschamend decadent, maar oh zo fijn om naar uit te zien: een hulp in de huishouding, voor een paar uurtjes in de week!![]()
Wendingen
Hoe vreemd kunnen de dingen soms lopen? Van onzekerheid naar duidelijkheid, van speler naar toeschouwer. Wantrouwen en twijfels maken plaats voor een rotsvast vertrouwen; drogende tranen worden vervangen door een lach. Wéten waar je staat. Zonder omkijken weten wie er achter je staan. Duidelijkheid, integriteit. Niet zo maar woorden. Dáden.
En ik? Ik heb mijn plek gevonden. Waar ik ben, daar is het goed.
Het spam-experiment
Wanneer ik een reactie achterlaat op een weblog typ ik altijd netjes mijn naam en mijn e-mailadres in. Wellicht los daarvan krijg ik een gigantische berg spam-mail, die google allemaal prima in de spam-box weet te vangen. Maar stiekum kan ik er dan toch niet tegen, zo'n dikgedrukt kopje in het lijstje met mappen aan de zijkant van mijn webmail-scherm, met het aantal aanwezige mailtjes er in haakjes achter. Dus delete ik al maanden, dag in dag uit, de spammetjes uit het desbetreffende mapje. Bovenin staat er dan altijd heel blij een melden dat "messages that have been in Spam more than 30 days will be automatically deleted".
Dus kwam er een punt dat ik het niet meer kon weerstaan. Dát moest getest. Dus nu, sinds een dag of 33, gooi ik niets meer weg uit mijn spambox. Dus het aantal berichten liep op. en op. En opper dan op. Tot de 1769 kwam 'ie, en toen begon het cijfer weer te dalen. Nu, op dít exacte moment, staan er 1635 spammailtjes in mijn mapje. En omdat dat, zélfs voor een maand spraken, walgelijk veel is, heb ik besloten nog een extra 'bonuslevel' toe te voegen aan mijn experiment: wát gebeurt er wanneer ik mijn mailadres niet meer invul op blogs? Per vandaag begin ik daarmee, hoewel ik daarnet per ongeluk alweer mijn automatisch ingevulde gegevens liet staan ergens. Nouja, morgen voor het echie, dan maar?
[Monty Python]
Lovely spam, wonderful spa-a-m,
Lovely spam, wonderful S Spam,
Spa-a-a-a-a-a-a-am,
Spa-a-a-a-a-a-a-am,
SPA-A-A-A-A-A-A-AM,
SPA-A-A-A-A-A-A-AM,
LOVELY SPAM, LOVELY SPAM,
LOVELY SPAM, LOVELY SPAM,
LOVELY SPA-A-A-A-AM...
SPA-AM, SPA-AM, SPA-AM, SPA-A-A-AM!
[/Monty Python]
Sinds jaar en (één) dag
Gisteren was het 12 juli 2008. Exact een jaar na 12 juli 2007, de dag waarop ik en Paul elkaar in de ogen keken en officiëel beloofden elkaar nooit meer los te laten. Nog geen miliseconde voelden wij spijt; we hebben het gevoel dat we er alleen maar beter van zijn geworden. We hebben een éxtra dag in het jaar om iets te vieren. We hebben er de meest prachtige en dierbare herinneringen aan overgehouden. En ja, stiekum, ookal vind men altijd dat het huwelijk niets verandert, ookal 'is het maar een papiertje', verandert er wél iets. Wat dan? Tja, leg dat maar eens uit. Het is alsof onze relatie échter is geworden, meer diepgang heeft gekregen. Zoiets. En hoewel het geplande weekendje weg door omstandigheden nog even is uitgesteld, hebben we er gisteren een fijne dag van gemaakt. Een wandeling, uit eten, een film, een ijsje en vooral veel elkáár. Een dag van genieten.
Dus nu is het méér als een jaar geleden, die mooie, geweldige dag. En dat gaan we nog héél vaak vieren!
************
Voor ons erg onverwacht en súperleuk: alle felicitaties die wij gisteren in onze diverse brievenbussen (analoog, digitaal en mobiel) hebben gevonden. Wat lief! Martine, Steven, Jesse, Mama, Papa, andere Mama, andere Papa, Suus, Wim, Karen, Ralph, Eveline, Remy, Erica, Francis en Michiel: héél erg bedankt! ![]()
Gewicht heffen
Al eerder vertelde ik er een pietsie over: Beertje is dik geworden. Het kleine, rázendsnelle, bevallige poesje dat ik had heeft in relatief korte tijd (in anderhalve maand was het gebeurd) model 'voetenbankje' gekregen. Sinds Max op dieetvoer overmoest en we dus alledrie de katten maar het speciale voer zijn gaan geven (één kat iets anders geven als de rest is een ramp) is Beertje veranderd in een soort stofzuigertje. Alles, maar dan ook álles dat haar broers niet lusten of eten, dat gaat bij haar naar binnen. Met een noodvaart. Het kost niet eens moeite om er een stofzuigergeluid bij te denken als je haar ziet gaan.
Toen ze bij de dierenarts werd gewogen was het dan ook geen verassing, maar wel een schok om te horen dat dat poezekatje van een kilo of 3,7 Max bijna voorbij was gestreefd en bijna vijf kilo woog! Wij besloten nog eens éxtra hard wat we al bedacht hadden: op dieet met dat wijf! De dierenarts gaf er nog eens het advies bij om haar óók flink te laten bewegen, dus ons voornemen was duidelijk. Nu de uitvoering nog. Wij kochten nieuwe speelgoedjes en daar gingen we:
Minder eten in haar bakje, check.
Voorkomen dat ze nog bij haar broers pikt. Check.
Elke avond spelen: niet zo check.
Zie een log klein dikzakje als onze Pooh-beer maar eens in beweging te krijgen. Da's lastig.Gelukkig begint nu, na twee weken, het mindere eten z'n vruchten af te werpen, waardoor ze afvalt en automatisch ook weer wat beweeglijker wordt. Hopelijk krijgen we haar dus weer terug in model 'Beertje' en hoeven we binnenkort niet meer te steunen en te kreunen als we haar op willen tillen..
En wat doe je, wanneer je streng moet zijn voor je kat? Méédoen! Want tja, als we eerlijk zijn ben ik ook best alweer een tijdje 'een maatje meer'. Ik hou van wijntjes, patatjes, chocolade en slagroom en dat is te zien. Ahum. Het kon me eigenlijk verassend weinig schelen, maar wanneer je nieuwe broeken moet gaan kopen omdat je niet meer in de oude past is de lol er ineens snel af. Volgens mijn moeder is dit een huwelijkse zegening en hoewel ik eerst nog dacht "jaja, het zal wel" begin ik het nu toch echt te geloven: een maandje terug wilde Paul zijn trouwbroek aan bij de bruiloft van een vriend van hem en hij paste er nog maar net in. Nu zitten we dus met z'n drietjes in hetzelfde schuitje: Beertje op rantsoen, wij ook op rantsoen. Zo vlot als bij Beertje gaat het vooralsnog echter niet ![]()
Ont-moet!
Jezelf dingen opleggen. Omdat ze leuk zijn, of omdat ze horen, of misschien wel omdat het niet eens in je opkomt dat het ook anders mag, of kan. Iedereen heeft het wel eens. Ik ben er ook érg goed in: ik wil mijn verjaardag vieren, ik wil naar Parkpop. Ik wil naar een concert, met vrienden afspreken, een schoon huis, gezonde katten, foto's maken en bewerken, mensen terugmailen of bellen, een kaartje sturen naar een afgedreven vriendin. Het liefst wil ik ook nog élke dag een logje schrijven, even in mijn boek lezen, af en toe eens een samen-avondje met mijn lief, een momentje met de Nintendo spelen.. Ik wil alles. Ik moet alles. Van mezelf, that is. Want het is leuk, en het moet even, en over een paar weken, dan heb ik écht wel weer even tijd voor mij. Tel daar dan nog bij op dat ik al een aantal maanden mijn vrije woensdagje moet missen (alleen in de ochtend werken schept niet de ruimte die een échte vrije dag in de week schept) en je voelt 'm al aankomen.
Ik niet. Dus ik ging lekker. Maar toen, na allerhande verjaardagen, een concert, Parkpop en de katten een dag 'uit logeren' bij de dierenarts was ik het moeten zo zat. Dus was het klaar en moest ik even níet. Even loslaten. Even niet meer kijken naar het kalendertje in de rechterkolom van mijn blog en vinden dat ik iets móet schrijven, omdat het datumpje van gisteren óók al geen stukje herbergt. Mijn camera eens even laten staan op mijn bureau. Ruimte maken in mijn hoofd. Tijd maken voor mezelf. Spelen met de katten, knuffelen met mijn lief. En komende woensdag, dan mag ik weer eens écht uitslapen. Genieten van een héle woensdag vrij. En nu, nu schrijf ik weer eens een stukje. Want dat vind ik leuk. En héél toevallig had ik er gewoon zin in ![]()
Donder en bliksem!
En dan lekker in je warme/fijne bedje liggen luisteren..Deze dagen
Deze afgelopen dagen waren véél. Waren drúk. Twee verjaardagen, Parkpop, een concert van Radiohead, een dansvoorstelling op het strand en gisteren de hele dag mijn katten kwijt. Het was bijna allemaal geweldig leuk en met de katten kwam alles keurig op z'n pootjes terecht (zoals het goede katten betaamtIn the sun I feel as one
We zaten in de trein en aten onze broodjes op. Ik en Suus (Paul's zus) lachten wat over mooie acties die we hadden uitgehaald terwijl Paul sms-te met vriend Alan om af te spreken waar hij ons op zou pikken. Alan, onze rasechte adoptie-Amsterdammer wist prima hoe we in het Westerpark moesten komen, dus we maakten ons nergens druk over. Wij kwamen er wel, en wij hadden er zin in. Al in de trein naar Amsterdam merkten we dat we niet de enigen waren die naar Radiohead gingen, en vanaf het moment dat we het station uitliepen was het duidelijk: Alles en iedereen was Radiohead. De pendelbus was vol en warm, het Westerpark was zelfs buiten de poorten al flink afgestampt. In de rij om binnen te komen, het terrein op..
De support-act speelde al, maar vonden we niet zo boeiend. Ondanks de forse hoeveelheid mensen was er goed rond te lopen en vonden we de mensen die we vinden wilden. Daarna op zoek naar een goede plek en niet al te lang daarna begonnen ze: de grootmeesters gitaar-pielen werden met luid gejuich ontvangen. Maar de eerste paar nummers vielen een beetje weg: door de drukte en het niet al te hellende terrein zagen we zo ongeveer níets (zelfs de beeldschermen die er hingen bleven verborgen achter lange mensen, die overigens verassend vaak polo's droegen!) en de zon, die net begon onder te gaan, scheen ons heel erg in de ogen. Het leek ook wel of de band even in moest komen: meteen al wel strak en goed, maar erg rustig. Té rustig, misschien. Maar de zon zakte. En zakte. Er verscheen een magische gloed achter het podium, de lucht kleurde elke song een andere kleur en de beelden op de schermen en de lichten op het podium staken er prachtig tegen af. De band bouwde op, bouwde op, meer tempo kwam erin, de sfeer nam een vogelvlucht..
En daar zweefden we dan, met z'n allen, net iets buiten ons gebruikelijke zelf, net iets meer genietend van al dat onze zintuigen bij ons binnen loodsten. Deze band, deze meesterlijke, bijzondere band, die eigenlijk niet geheel mijn ding is maar die ik wel heel graag eens live wilde zien, maakte elke kruimel verwachting in mijn wezen waar: het concert was práchtig. Deze mannen weten wat ze doen. Deze mannen hadden er zín in: Thom Yorke deed zelfs méér dan eens een babbeltje tussen de nummers door en wanneer er gespeeld werd was te zíen hoe ze opgingen in de muziek. De Tibetaanse vlaggen op het podium gaven weer wat wij allemaal dachten. Dachten, en als één uit volle borst meebrulden:
This is what you'll get
This is what you'll get
This is what you'll get
When you mess with us



















